
Het juist toepassen van UV-technologie voor drogen en steriliseren
UV-technologie is niet zomaar een manier om een gloeilamp te vervangen. Het gaat erom een balans te vinden tussen verschillende factoren: de golflengte van het licht, de hoeveelheid licht die de oppervlakken bereikt, en de snelheid waarmee het materiaal zich beweegt.
Of je nu probeert bacteriën te doden in een sterilisatielijn of inkt op een T-shirt te laten drogen: het doel blijft hetzelfde. Je hebt een precieze dosis energie nodig om de chemische reacties in gang te zetten of om het DNA van microben te vernietigen. Als je dit niet goed doet, werkt het niet.
De strijd tegen ‘plakkerige’ inkt
De meesten van ons gebruiken gloeilampen met kwikdamp of LED’s. Voor het drogen van inkt gebruikten we meestal golflengtes tussen 365 nm en 405 nm. Dit is de ideale golflengte, zodat het UV-licht goed in de inkt kan doordringen.
Maar als de lamp te zwak is – of als je het materiaal te snel laat bewegen – zal de inkt niet goed drogen. De bovenkant van het materiaal voelt dan droog aan, maar de onderkant blijft plakkerig. Om dit op te lossen, kiezen we de juiste sterkte van de lamp, afhankelijk van de snelheid waarmee het materiaal zich beweegt. Houd er rekening mee dat lampen met hoge sterkte veel energie verbruiken, waardoor de koelfans harder moeten werken.
De technische details
Je zou denken dat connectoren als R7s of Sk15 alleen dienen om de lampen op hun plek te houden. Maar ze zijn er ook om de hitte af te voeren. De kwartsbuizen breiden uit wanneer ze warm worden, en de hardware moet dus in staat zijn om deze hitte af te voeren.
Wij gebruiken altijd kwarts van hoge zuiverheid, want gewone glas buizen vangen het UV-licht al op voordat het het product bereikt. Als je werkt met PET of dunne films, kunnen we lampen gebruiken die bedekt zijn met een speciale laag. Dit voorkomt dat het materiaal beschadigt wordt door infraroodhitte.
De prijs-kwaliteitverhouding
Hoge intensiteit is fijn, maar er zijn nadelen. Hoe meer je de lamp belast, hoe sneller deze kapotgaat. En hier komt het lastige: de intensiteit van het UV-licht daalt al lang voordat de lamp echt kapotgaat. Je zult dit niet merken, maar het product zal alsnog problemen gaan vertonen tijdens controleprocessen. Daarom raden we aan om de gebruikstijd van de lampen in de gaten te houden en ze te vervangen zodra ze ongeveer 80% van hun levensduur hebben gehad.
Verder is het belangrijk om goed op de koeling te letten. Als de balast te heet wordt, zal deze te vroeg stoppen met werken. We sturen je niet alleen onderdelen toe, maar we helpen je ook om alles goed in te stellen, zodat alles perfect werkt.